Pajaros de Verano

Posted on maart 8, 2019

0


P-jaros-de-verano_st_4_jpg_sd-lowPájaros de Verano (‘Wintervogels’) houdt het midden tussen een exotische cultureel-antropologische studie, spannende misdaadthriller en magisch-realistisch noodlotsdrama. In kalm tempo, maar vol bloederig geweld, schetst de film de neergang van een inheemse Colombiaanse clan die zich in de jaren zeventig inlaat met de lucratieve marihuanahandel naar Amerika.

De kleurrijk gefilmde familiekroniek is opgedeeld in vijf hoofdstukken, ingebed in een melancholisch lied van een magische oude schaapsherder. Deze traditionele figuur plaatst het individuele familieverhaal op knappe wijze in het grotere perspectief van de religieuze geschiedenis van de Wayuu-clan en de gewelddadige Colombiaanse geschiedenis, waar inheemse clans zich steeds meer conformeren aan de kapitalistische zeden en gewoonten.

Het begint onschuldig en romantisch. De beeldschone jongedame Zaida wordt door haar moeder bevrijd uit een jaar lange afzondering in een hutje. Op de ceremonie ter afsluiting van haar volwassenwording ontmoet zij Rapayet, een jongeman van een naburige clan. Na een broeierige en visueel adembenemende rituele dans fluistert hij haar toe: “Ooit maak ik jou mijn vrouw”. Het vereist het nodige overredingsvermogen – moeder Ursula is nogal sceptisch over deze vreemdeling en vraagt een enorme bruidsschat – maar als hij een paar Amerikanen een paar zakken wiet kan verkopen lukt het Rapayet om het hart van zijn jonge bruid voor zich te winnen. In de rest van de hoofdstukken zien we het jonge paar zich ontwikkelen en hun omgeving met hen: van een traditionele hangmat in de wittebroodsweken, tot een witgekalkt paleis decennia later. Wat gelijk blijft, is de kale en winderige vlakte van de woestijn.

De plot van het verhaal gaat terug op de ‘Bonanza Marimbera’, een vergeten periode in de Colombiaanse geschiedenis waarin de cannabishandel vanuit de Guajira-woestijn op gang kwam. Het maakt de film tot een treffende allegorie voor het bloederige verhaal van de Colombiaanse geschiedenis. De huidige relatie tussen de Verenigde Staten en Zuid-Amerika in aanmerking genomen, is het ironisch dat het juist Amerikaanse vredessoldaten zijn geweest die de Wayuu-clan in de Guajira op het spoor van marihuanahandel hebben gezet.

Aan die culturele en historische dubbelzinnigheid hebben regisseurs Cristina Callego en Ciro Guerra invulling willen geven, waardoor de film af en toe wat didactisch wordt. Held van het verhaal is niet hoofdpersoon Rapayet, maar zijn schoonmoeder Ursula (mooie rol van Carmiña Martínez). Als haar kinderen dan zo nodig de vooruitgang willen zoeken, dan wel binnen de kaders van de lokale religieuze en culturele gebruiken. Maar macht corrumpeert – in al haar inspanningen om de sterkste clan te blijven, is ze vergeten om haar praktische kennis van overleven in de woestijn over te dragen op haar kleindochter. Zij verliest het vermogen om te dromen en via haar dromen de ziel van mensen te kunnen zien – waardoor zij uiteindelijk juist de ziel van haar volk verliest.

regie: Christina Gallego, Ciro Guerra / met: Carmiña Martínez, José Acosta, Natalia Reyes / Colombia, 2018, 125 min. / Spaans en Wayuunaiki gesproken

Deze recensie verscheen op 8 maart in het Nederlands Dagblad.

Posted in: algemeen